Het gelijknamige album van
Brian Elliot is een verfijnde mix van funk, soul, poprock en soepele AOR, met een gepolijst, urban en rustig geluid dat zijn wortels heeft in de studiotechniek van de West Coast uit de late jaren ’70. De productie legt de nadruk op warme grooves, smaakvolle arrangementen en zijdezachte blue-eyed soul-zang, waardoor de plaat een easy-listening-gevoel krijgt dat toch emotionele diepgang en subtiele complexiteit in zich draagt. Met hints van jazzgetinte harmonieën en softrocktexturen sluit het album aan bij tijdgenoten in de Amerikaanse singer-songwriter- en AOR-traditie, met de nadruk op sfeer, melodische rijkdom en ingetogen virtuositeit. Het album, uitgebracht in 1978, is het enige volledige soloalbum van
Brian Elliot onder zijn eigen naam en wordt door verzamelaars en AOR-liefhebbers vaak genoemd als een verborgen parel en een schoolvoorbeeld van verfijnde urban pop uit die tijd. Gedurende de beknopte speelduur van iets meer dan een half uur behoudt de plaat een samenhangende sfeer, die uitnodigt tot aandachtig luisteren naar de genuanceerde arrangementen en gelaagde vocale harmonieën. Hoewel het album in de bredere mainstream relatief onbekend is, heeft het bij een nichepubliek een reputatie opgebouwd vanwege de hoogwaardige songwriting, de verfijnde maar toegankelijke sound en zijn plaats binnen het klassieke funk/soul- en poprockcontinuüm van de late jaren ’70.