Op een dag bezoekt een oude vriend, de advocaat Sten Torstensson, Kurt
Wallander en vertelt hem dat zijn
vader dichtbij Brösarp onder verdachte omstandigheden om het leven is gekomen.
Wallander neemt het verhaal van zijn vriend niet serieus. Kort daarna wordt zijn vriend, die op een verschrikkelijke manier is vermoord gevonden en
Wallander realiseert zich dat hij zich had vergist. Tijdens zijn jacht op de moordenaar stuit
Wallander op een samenzwering van misdaden. Dit leidt hem naar een organisatie die handelt in transplantaties van menselijke organen. Achter deze organisatie schuilt een elegante zelfverzekerde man die zijn eigen wetten hanteert. Maar wie is hij? In 'De man die glimlachte' manipuleert
Wallander zichzelf in een kruisvuur van immoraliteit, bedrog en leugens.