Meervoudig prijswinnend dirigent René Jacobs en het B'Rock Orchestra completeren hun
Schubert-cyclus op Pentatone met de twee beroemdste symfonieën van de componist, de onvoltooide en de grote. In zijn uitgebreide toelichting ontwikkelt Jacobs een theorie dat de Kleine B symfonie niet 'onvoltooid' bleef, maar bewust onvoltooid werd gelaten, omdat
Schubert de twee delen vorm gaf naar analogie van Mein Traum (Mijn droom), een autobiografische vertelling in twee delen, geschreven in 1822, gelijktijdig met de creatie van de symfonie. Terwijl de eerste helft van Mein Traum verhaalt over het overlijden van zijn moeder en zijn problematische relatie met zijn
vader, betreedt het tweede deel een magisch, romantisch rijk, en brengt het uiteindelijk een verzoening met zijn
vader. Op deze opname gaan de twee delen van de vertelling vooraf aan de twee delen van de Onvoltooide symfonie, en worden ze voorgedragen door Tobias Moretti. Jacobs betoogt dat, na de droom-geïnspireerde Onvoltooide, de Grote C-majeur symfonie, met zijn plechtige karakter en sublieme dimensies, diende als een bevrijding voor
Schubert. De presentatie van deze contrasterende werken vormt een passende apotheose van een cyclus die van meet af aan is opgezet als een reeks symfonische paren. De spelers van het B'Rock Orchestra brengen deze werken op historische instrumenten; transparant, maar vol vuur.